|

|
De Derde Dinsdag, het
milieucafé van Den Haag |
|
 |
|
|
|
Verslag van het milieucafé
op 20 november 2007
klik hier voor de column van Julius Pasgeld |
Naar eerdere milieucafé's |
Wikken en wegen over tunnels
|
Het milieucafé van dinsdag 20 november stond geheel in het teken van tunnels. Volgens stedenbouwkundige Els Bet, tevens lid van het Platform Noordwestelijke Hoofdroute, vormen deze kunstwerken een sterk beeld - ‘auto’s onder de grond, probleem opgelost’ - maar vertroebelen ze de werkelijke discussie. Om deze toe te spitsen op de Noordwestelijke Hoofdroute (het deel van de Buitenruit parallel aan de kust, dat in de toekomst een veel grotere betekenis in de verkeersafwikkeling moet krijgen): er is bij lange na niet genoeg geld om de hele route tussen Hubertusviaduct en Kijkduin te ondertunnelen, dus waar komen dan wél tunnels en waar niet? En komen ze er uit te zien zoals de ingang van de Sijtwendetunnel - 22 meter breed en met in- en uitritten van tweehonderd meter lang? Een waar schrikbeeld.
|
|
En als de route niet (geheel) ondertunneld wordt, hoe komt die er dan uit te zien? Voor een doorstroomweg zijn er nu veel te veel kruisende wegen: 33 maar liefst. Welke worden afgesloten? En hoe komen bewoners van de aangrenzende wijken dan hun wijk in of uit? Ze vreest een grote hoeveelheid sluipverkeer, met een navenante aantasting van de leefkwaliteit van eenderde deel van Den Haag.
Bet verwijt de lokale politiek geen integrale visie op de verkeersafwikkeling te hebben. Er moet geen sprake zijn van een tunnelvisie, maar van een wijde blik! Ondertunneling wordt al te gemakkelijk als een oplossing gepresenteerd, maar wat is eigenlijk de opgave?
|
Presentatrice Aukje van Roessel legt deze vraag voor aan Jos de Jong, verkeerswoordvoerder van de PvdA. De Jong: “Er zijn verschillende opgaven. We slagen er niet in het autogebruik terug te dringen. De auto moet dus een plek krijgen. In dit gebied, de internationale zone, spelen ook grote economische belangen. En ook de leefbaarheid is een opgave. Aan de integrale visie waar mevrouw Bet om vraagt wordt op dit moment nog gewerkt. De Haagse Mobiliteitsnota wordt over circa driekwart jaar verwacht.”
|
|
|
|
Collega-raadslid Karsten Klein (CDA) vindt dat dat integrale plan er absoluut moet komen. De gemeente is aan de omwonenden van de toekomstige Noordwestelijke Hoofdroute duidelijkheid verschuldigd. Klein betoont een groot voorstanders van tunnels: enerzijds vanwege de mogelijkheid van dubbel ruimtegebruik, anderzijds omdat ze fijnstof concentreren dat je vervolgens kunt afvangen en wegfilteren.
“Het Haags Milieucentrum vindt dat tunnels alleen maar méér auto’s aantrekken”, merkt Van Roessel op, waarop Klein repliceert dat het HMC vindt dat iedere capaciteitsvergroting van een weg een aanzuigende werking heeft.
|
|
Mobiliteitsmedewerker van het HMC, Lennart van der Linde, zet zijn standpunt uiteen: “In het algemeen leidt een betere doorstroming tot een groter verkeersaanbod. Naar verwachting neemt het autoverkeer tot 2020 met 43 procent toe. Met een Trekvliettracé komt daar nog eens drie procent bovenop. Dat geld kan naar onze mening beter worden besteed. Aan goed openbaar vervoer, bijvoorbeeld”
|
“Het gaat ons om een visie. Wat zijn de gevolgen voor de luchtkwaliteit, zowel op stadsniveau als op wijkniveau? Wat zijn de gevolgen voor de geluidsbelasting, wat voor de groene ruimte? De milieunormen zijn behoorlijk hard. De Vereniging van Nederlandse gemeenten en het Rijk zijn overeengekomen dat gemeenten een belangrijke taak hebben in het bestrijden van de CO2-uitstoot. Een gemeente ontkomt er niet aan zich af te vragen hoeveel auto’s ze in de stad wil toelaten. Andere steden zijn daar verder mee dan Den Haag, en spinnen er economisch gezien ook nog garen bij.”
|
 |
Jos de Jong kan een heel eind met het Haags Milieucentrum meegaan. Investeringen in het openbaar vervoer zijn ook voor hem essentieel. “Het is schaken op meerdere borden tegelijk. Fietsen moet ook beter. We willen meer taxi’s op aardgas, milieuzones voor vrachtwagens… het is allemaal heel ingewikkeld.”
|
|
Inmiddels is ook Jan Nelisse aangeschoven, bedenker van het plan om de Teldersweg te ondertunnelen. Dat plan is hem ingegeven uit liefde voor Den Haag, maakt Nelisse duidelijk: “De verpaupering van de stad gaat me aan het hart. Er is veel te weinig groen. Met een tunnel onder de Teldersweg wordt een oude fout hersteld. Het is een heel logische en vrij eenvoudige ingreep. En als het bedrijfsleven daarvan profiteert, vind ik het ook logisch dat het bedrijfsleven eraan meebetaalt. De tunnel zou in een public/private partnership (PPP) aangelegd kunnen worden en je zou er tol kunnen heffen. De overheid moet niet alleen opdraaien voor dit soort waanzinnig dure projecten.”
|
Dat idee van PPP spreekt Karsten Klein wel aan, maar die Telderstunnel ziet hij er niet gauw van komen. Klein: “Het CDA steekt liever geld in verbetering van gebieden waar bewoners te lijden hebben onder een slechte luchtkwaliteit.” Jos de Jong ziet de noodzaak van dit op zichzelf leuke idee niet in. En Els Bet merkt op dat de Teldersweg niet het echte probleem is in dat gebied. Die vormt juist een prachtige entree tot de stad. Het probleem schuilt hem naar haar mening in andere wegen en in de veelheid van functies, zoals Madurodam.
Laten we vooral de aanleiding tot deze hele discussie niet vergeten: het plan van de gemeente om langs de Segbroeklaan ruim dertig bomen te kappen voor een opstelstrook. “Is die kap echt nodig?”, wil presentator Stef de Niet (op foto rechts) weten. Een verkeerskundig bureau dat de omwonenden hebben ingeschakeld vindt van niet.
|
|
“Het lijkt erop dat dit plan is ontworpen voor de situatie van voorheen, toen de Norfolkline nog over die weg reed”, meent Jos de Jong. “We gaan donderdag in de commissie over deze kwestie praten. Ik sluit niet uit dat die bomen nu niet weg hoeven, maar op termijn moet dat zeker gebeuren. Als Scheveningen flink wordt uitgebreid moet die Houtrustbrug absoluut aangepakt worden. Het wordt misschien nog wel grootschaliger dan nu gedacht wordt.”
Tot slot is het woord aan de zaal. Twee aanwezigen blijken er heilig van overtuigd te zijn dat die nieuwe opstelstrook een opmaat is naar een bovengronds aangelegde Noordwestelijke Hoofdroute; ze hebben er geen vertrouwen in dat die ondertunneling die hun in het vooruitzicht is gesteld, er ooit van komt.
En als laatste het woord aan Jan van Male: “Volledige ondertunneling is niet eens mogelijk. Bij de Houtrustbrug móet je wel bovengronds blijven vanwege het water.”
Het volgende milieucafé is op dinsdag 18 december.
|
| |
|
|
|
Julius Pasgeld:
Voordat ik mijn column doe, wil ik graag even iets verklaren.
Het is thans de 47ste keer dat ik tijdens het milieucafé een stukje voor mag lezen. Steeds kreeg ik het onderwerp ruim een week van te voren aangereikt en toog dan, speciaal voor de gelegenheid aan het schrijven.
Deze keer ging het anders.
Toen ik het onderwerp van vandaag (de ondertunneling van Den Haag) kreeg, had ik het al geschreven. Ik had me er namelijk al druk om gemaakt toen ik het uit de pers vernam.
En nu had ik hem voor deze gelegenheid wel kunnen herschrijven, maar dan zou ik rekening met u hebben gehouden. Met uw gevoeligheden en met uw eigenaardigheden. En met die van de heer Jan Nelisse die hier ook aanwezig zou zijn.
Erger nog, ik zou rekening hebben gehouden met de directeur van het HMC. En dat moeten we natuurlijk niet hebben.
En daarom lees ik mijn column nu voor, zoals ik hem in eerste instantie heb geschreven.
Daar gaat-ie:
|
|
Liefde voor Den Haag
Makelaar Jan Nelisse wil een groot nieuw park in Den Haag. Dat denkt hij te bereiken door de Teldersweg te ondertunnelen. Daardoor worden de bestaande Scheveningse Bosjes samen met de Waterpartij één groot nieuw park. Want twee parken met een weg ertussen, dat vindt Nelisse maar niks.
‘Vroeger’, zegt hij. ‘Vroeger, in 1936, was er nog helemaal geen Teldersweg. Toen was het één groen gebied’.
Daar heeft makelaar Nelisse gelijk in. Vroeger was er ook geen Segbroeklaan. Toen was het westen van Den Haag nog één groot, groen gebied. Nog weer vroeger was er zelfs geen Prins Bernard viaduct. Toen was het centrum van Den Haag nog één groot, groen gebied. Maar inderdaad, als we de Teldersweg, de Haringkade, de Badhuisweg en de Nieuwe Parklaan allemaal ondertunnelen dan worden het bestaande Haagse Bos, Oostduin, Arendsdorp en het Hubertuspark, samen met Clingendael en Zorgvliet één groot, groen gebied. Zoals het vroeger ook was.
Makelaar Jan Nelisse. Geen beroemdheid. Maar wel iemand. Zoals elk stadje dat klein genoeg is, van iedereen wel iemand maakt. Als het plan van Jan doorgaat, is er nog meer groen in die contreien dan er nu al is. Niemand zal er dan op tegen zijn, dat er hier en daar, tussen al die prachtige ambassadeurswoningen en landhuizen in het Belgisch Park, het Van Stolkpark en Duttendel, aan de randen van dat nieuwe park een villaatje extra wordt neergezet. Voor die arme expats. Want die hebben het toch al zo moeilijk om zich in het internationale Den Haag van vandaag te vestigen en te handhaven.
Het plan van Nelisse stond breed uitgemeten in het Haagse inlegvel van het Algemeen Dagblad. Er was een grote foto bij. Daar stond de makelaar zelf op. Een beetje rillerig, want voor de foto moest hij even uit zijn Bentley. Maar je kan aan zijn glimoogjes zien dat hij alvast denkt aan al die extra villaatjes in dat grote, nieuwe park met z’n glooiende landschappen en z’n mooie vergezichten. Desgevraagd zegt Nelisse, dat het allemaal niets te maken heeft met marketing maar dat zijn idealen zijn ingegeven door liefde voor de stad.
Liefde voor de stad? Wordt het dan niet eens hoog tijd, dat we aan de huidige scheefgroei in Den Haag een eind maken? En mogen die paar vierkante meter groen op het Hannemanplantsoen, het Teniersplantsoen en het Oranjeplein dan niet alsjeblieft éérst eens met elkaar worden verbonden? Moeten de Parallelweg en de Vaillantlaan dan niet éérst eens worden ondertunneld om die paar wipkippen in de Schilderswijk met een beetje groen te verbinden? Al was het alleen maar voor die 27 ongelukken die daar gebeuren?
Of moeten de uitzichten vanuit de landhuizen en de villa’s in het Belgisch Park en het Van Stolkpark, die nu al zo riant zijn, nog rianter?
Is het dan nooit genoeg?
Kent de hebzucht daar dan helemaal geen grenzen?
Liefde voor de stad! Dat is: eerst weten wie er allemaal woont en wat er zoal leeft. En als je dat dan een beetje weet is er ineens geen haar meer op je hoofd die er over denkt om de welvaartskloof nog groter te maken dan hij nu al is.
|
|
|
Het volgende milieucafé is op dinsdag 18 december.
|
|
Bel voor informatie over
de volgende Derde Dinsdag:
(070) 30 50 286 |
|
|
|
 |
 |
 |
| Neem een gratis
abonnement
op Branding, hét Haagse tijdschrift voor natuur en milieu,
of klik hier voor de elektronische
versie.
|

|
 |