De Derde Dinsdag, het milieucafé van Den Haag  


 

Verslag van 21 november 2006:

Auto's alleen maar omleiden is niet de oplossing

klik hier voor de column van Julius Pasgeld

 

Het milieucafé van 21 november startte met een heus college. Dat krijg je ervan, als je een hoogleraar uitnodigt. En niet de eerste de beste. Lucas Reijnders is al decennialang het geweten van milieubewust Nederland en was in Den Haag om de noodzaak van energiebesparing weer eens te onderstrepen. Want we zijn nu op de verkeerde weg. Ieder jaar maken we een hoeveelheid olie op waar fysische en chemische processen een miljoen jaar over gedaan hebben om die te produceren. De hoeveelheid gas die we er in een jaar doorheen jagen is zelfs de productie van drie miljoen jaar. De prijzen zullen alleen nog maar stijgen en we worden steeds afhankelijker van politiek niet al te stabiele regio’s. Om nog maar te zwijgen over de milieuvervuiling die verbranding van fossiele brandstoffen tot gevolg heeft.

 

Gelukkig kan er nog een hoop aan verbetering van de energie-efficiëntie worden gedaan, houdt Reijnders het aandachtig luisterende publiek voor. Weliswaar verbetert de energie-efficiëntie in Nederland slechts een half procent per jaar, China haalt in dezelfde periode 4 procent. En zelfs in Rusland zag Reijnders praktijken waaraan Nederland een voorbeeld zou kunnen nemen. Maar energiebesparing is hier 'uit'- zowel ondernemers als de media hebben er geen aandacht meer voor. Reijnders bepleit dan ook een actievere rol van de overheid. In Den Haag ziet de hoogleraar goede initiatieven (zoals in Rustenburg-Oostbroek), maar woningbouwverenigingen zouden veel meer kunnen doen aan het energieverbruik in de bestaande voorraad. En de verouderde centrale aan het De Constant Rebecqueplein zou hij graag vervangen zien door een efficiëntere.

 

Natuurlijk zal er altijd energie opgewekt moeten blijven worden. Dat kan heel goed met wind- en zonne-energie, rekent Reijnders ons voor. Als je in Nederland op alle daarvoor geschikte daken zonnepanelen legt, produceer je daarmee meer elektriciteit dan alle bestaande centrales samen. De energetische waarde van alle fossiele brandstoffen samen is kleiner dan die van een maand zonne-energie. De prijzen van zonnecellen zullen dalen dankzij nieuwe technische ontwikkelingen. En plaatsing van windmolens bij het Prins Clausplein is een goed idee, aldus de hoogleraar, die vervolgens een exemplaar van zijn nieuwe boek 'Energie, van brandhout tot zonnecel' aanbiedt aan milieuwethouder Pieter van Woensel.

Van Woensel verklapt dat hij investeringen in zonne- en windenergie eerder wil plegen dan aanvankelijk gepland (volgend jaar al). Verder hebben B&W zojuist een ontwerp-plaatsingsplan voor drie windmolens naar de Provincie gestuurd. De film en het boek van Al Gore zijn niet onopgemerkt aan de wethouder voorbijgegaan.

Helaas moet Van Woensel het milieucafé daarna verlaten om een commissievergadering bij te wonen. Klimaatcoördinator Martijn Kosterman neemt verder de honneurs waar en licht toe wat Den Haag doet om in 2050 een CO2-neutrale gemeente te kunnen zijn.

Hans Kursten is bij energieleverancier Eneco verantwoordelijk voor duurzame-energieprojecten en onderschrijft Reijnders’ analyse grotendeels. Er moet en kan zeker iets gebeuren, vindt Kursten. Nederland heeft nu de grootste CO2-uitstoot per vierkante meter van heel Europa. De Haagse elektriciteitscentrale wordt gemoderniseerd en er wordt een super-efficiënte centrale in Rotterdam gebouwd. Ook is Eneco, samen met de gemeente en marktpartijen, bezig om in Den Haag benutting van aardwarmte mogelijk te maken.

Sible Schöne is campagneleider van Hier, waarin 38 organisaties samenwerken om aandacht te vragen voor het klimaatvraagstuk. Niet alleen milieu-organisaties, benadrukt Schöne. Oók organisaties als het Rode Kruis en Cordaid, die worden geconfronteerd met de gevolgen van klimaatverandering voor mensen waar zij zich om bekommeren. Als het proces van klimaatverandering eenmaal begint, is het niet meer te stoppen, is Schönes overtuiging. We moeten binnen tien jaar een trendbreuk forceren, voordat Groenland smelt.

Tom Pitstra, projectmedewerker Energie bij het Haags Milieucentrum, is blij dat Europa strengere milieu-eisen gaat stellen. Want in Nederland gebeurt veel te weinig – ook de groene partijen hebben het vraagstuk onvoldoende op de agenda gezet, vindt hij. Burgers kunnen een belangrijke bijdrage leveren door bijvoorbeeld vaker de fiets te nemen in plaats van de auto, maar er ligt een belangrijke rol voor de overheid.
"Die burger blijft wel gewoon plasmaschermen kopen", merkt Kursten op, "terwijl die enorm veel energie verbruiken. En hij wil niet op comfort inleveren."

Schöne legt de vinger op de zere plek: het probleem is dat het zo lang duurt voor de gevolgen van klimaatverandering voor de gemiddelde Nederlander zichtbaar worden. We moeten echt iets bedenken om het besef te laten ontstaan dat we het met z’n allen moeten doen.

 

Over naar het onderwerp dat in Den Haag de gemoederen zeer bezighoudt: het Verkeerscirculatieplan. Dit plan is bedoeld om het doorgaande autoverkeer (ruim een kwart van het totaal) uit het Haagse centrum te weren door een aantal verbindingen op te knippen. Tegenstanders, vertegenwoordigd in het Comité VCP Nee, hebben er een aantal bezwaren tegen.

"Het is een slecht plan", legt hun woordvoerder Gerard Wallis de Vries uit. "Het is slecht omdat de totale milieukwaliteit van de stad erop achteruit gaat. Het verkeer wordt geconcentreerd op de Centrumring, die door woonwijken en beschermde stadsgezichten gaat. Waar normen worden overschreden moet natuurlijk opgetreden worden, maar kijk niet alleen naar de Veerkades – kijk ook eens naar de Vaillantlaan en andere delen van de Centrumring. Verder neemt de bereikbaarheid van de binnenstad af, zodat voor ondernemers inkomstenderving dreigt. En we maken er bezwaar tegen dat het college zich er in de onderhandelingen over een collegeakkoord op vastgelegd heeft, zodat inspraak zinloos is."

Wallis de Vries vindt een medestander in Philippe le Clercq van de Binnenstads Ondernemers Federatie (BOF). Hij wijst erop dat sommige binnenstadsbewoners en -bezoekers maar liefst zes kilometer zullen moeten omrijden. Hij vreest dan ook veel sluipverkeer. En dat ondernemers schade zullen lijden is al gebleken uit een onderzoek; voor ondernemers in de aanrijroutes – zoals de Prins Hendrikstraat, de Wagenstraat en de Boekhorststraat – wordt een inkomensachteruitgang van vijf tot tien procent voorspeld. Nog los van de gevolgen voor het toerisme.

Jan van den Brink is bewoner van de Veerkade en verwelkomt het Verkeerscirculatieplan uiteraard. Voor hem en zijn medebewoners belooft de luchtkwaliteit aanmerkelijk te verbeteren. Maar hij wijst erop dat ook bewoners van de Mauritskade erg te lijden hebben onder het huidige verkeersaanbod. Verplaatsing van doorgaand autoverkeer naar onder meer de Vaillantlaan vindt hij wel te billijken; die is drie maal zo breed als de Veerkades.

Maar er gaan veel meer Hagenaars op achteruit dan vooruit, betoogt Wallis de Vries. Voor 5000 mensen dreigt een hogere blootstelling aan fijn stof, terwijl voor enkele honderden mensen in de binnenstad de luchtkwaliteit erop vooruit gaat.

Het verlossende woord zal moeten komen van Den Haags hoogste verkeersambtenaar, Cor Bontje. Heeft het VCP inderdaad meer nadelige gevolgen dan gunstige?
Het weren van doorgaand verkeer uit de binnenstad maakt de binnenstad aantrekkelijker, is zijn overtuiging. En dat is ook goed voor de ondernemers. Bereikbaarheid is maar één reden om ergens naartoe te gaan. Mensen zijn best bereid om in de file te staan als hun reisbestemming maar aantrekkelijk genoeg is, aldus Bontje. De cijfers die Wallis de Vries noemt, zijn inmiddels bijgesteld op grond van de nieuwe landelijke criteria voor de blootstelling aan fijn stof. Die komen a.s. vrijdag beschikbaar. Eén ding wil het hoofd Verkeer en Infrastructuur duidelijk gezegd hebben: dat de Kamer van Koophandel altijd luidkeels loopt te klagen over de slechte bereikbaarheid van de binnenstad, dát is pas slecht voor de binnenstad.

Zijn betoog vindt bijval bij Jan van Male, voorzitter van ROVER afdeling Den Haag en bezoeker van het milieucafé. Hij begrijpt 'geen bal' van de ondernemers. "Vroeger liepen wegen dwars door steden heen, dat willen we toch niet meer? Het VCP maakt de stad aantrekkelijker."

Jac Wolters, verkeersambtenaar in Amsterdam, sluit zich hierbij aan. Maar hij begrijpt niet dat Den Haag tegelijk wel een Trekvliettracé wil aanleggen en de Utrechtsebaan wil verbreden. Daarmee worden de sluizen wijd opengezet.
Frans van der Steen van het Haags Milieucentrum is het hier helemaal mee eens. Omleiden van verkeer alleen is niet de oplossing. Er moet minder aanbod aan auto's komen. Het verkeerscirculatieplan moet worden ingebed in een verkeersplan, met daarin bijvoorbeeld aandacht voor de fiets en voor autodelen.

Waarop blijkt dat de tegenstellingen toch minder scherp zijn dan het geval leek te zijn. Gerard Wallis de Vries kan zich hier prima in vinden. Hij breekt een lans voor transferia aan de rand van de stad en daarvandaan gratis openbaar vervoer naar het centrum. En er moet een duidelijk parkeerbeleid worden gevoerd.

Willem van der Heiden van de Haagse Koepel van bewonersorganisaties wijst tot slot op een grote discussie over het VCP voor alle bewoners van Den Haag op 7 december in Concordia, Hoge Zand 42, aanvang 20.00 uur (zie www.haagsekoepel.nl).

 

 

Het volgende milieucafé wordt gehouden op dinsdag 19 december. Zelfde tijd, zelfde plaats.

Julius Pasgeld: Het verkeerscirculatieplan

In 1975 reed ik regelmatig per automobiel van Kijkduin naar Rijswijk en vice versa. Daar deed ik gemiddeld 12 minuten over. Onderweg passeerde ik twee kruisingen die waren voorzien van een verkeerslichtinstallatie.
Thans, in 2006, rijd ik dezelfde route ook nog wel eens.
Dan doe ik er gemiddeld 45 minuten over. En passeer dan onderweg 21 verkeerslichtinstallaties.

Mag ik u even tot een rekensom verleiden?
De tijd die ik nodig heb om van Kijkduin naar Rijswijk te komen is in dertig jaar met 375 procent toegenomen.
Het aantal verkeerslichtinstallaties is in diezelfde periode met 1050 procent toegenomen.
Ja, zult u zeggen. Maar het is in die tijd ook een stuk drukker geworden. Er zijn veel meer auto’s bijgekomen.
Nou. Dat valt nogal mee. Uitgaande van het gemiddelde autobezit per inwoner in Nederland in 1975 en 2006, gerelateerd aan het feit dat het bevolkingsaantal in Den Haag in die periode aanmerkelijk is gedaald, kom ik uit op een stijging van 38 procent van het aantal auto’s in Den Haag gedurende de periode 1975 tot 2006.
38 Procent meer auto’s dus.  375 Procent meer tijd kwijt. En 1000 procent meer verkeerslichtinstallaties.
Het kan bijna niet anders, of er is hier meer aan de hand. En daarmee dringt zich een geheel nieuwe visie op de verkeerscirculatie  in Den Haag op.

 

Dames en heren. Het is me een buitengewone eer die visie thans voor u te onthullen: het is niet de toename van het aantal auto’s die verantwoordelijk is voor de huidige verkeerschaos in Den Haag. Neen. Wel verantwoordelijk voor die verkeerschaos is de toename van het aantal plannen om het verkeer in goede banen te leiden. En de uitvoering daarvan.
Een schitterend voorbeeld is natuurlijk de gotspe die zich onlangs op de Koningskade heeft afgespeeld. Een plan van miljoenen euro’s werd uitgevoerd. Het resultaat: de files staan nou helemaal tot in de Koningstunnel. En dat, dames en heren, komt heus niet omdat het aantal auto’s in Den Haag ineens zo is toegenomen.

Een ander voorbeeld: als de stoplichten op bepaalde kruispunten door een storing uitvallen blijkt het verkeer, als door een wonder, ineens veel soepeler door te stromen. Ineens blijkt, dat er echte mensen van vlees en bloed aan het verkeer deelnemen. Men kijkt goed uit. Is wellevend. Verleent, waar dat nodig is voorrang aan elkaar. Kortom, de verkeersdeelnemers gedragen zich als echte mensen in plaats van als robots die de verkeerslichten-ingenieurs zo graag voor ogen hebben als zij achter hun computers en tekentafels de marges van het verkeersvrije kruisingsvlak berekenen.

Ik stel daarom voor het thans aan de orde zijnde verkeerscirculatieplan te vervangen door een ander plan. Alweer een plan, zult u zeggen. Maar nee. Luister nou toch nog even. Het plan ziet er zo uit:
We blijven de employees van de verkeersdienst gedurende de komende jaren gewoon hun salarissen uitbetalen. We geven ze eens in de drie jaar ook gewoon opdrachten om plannen te ontwikkelen om het verkeer in Den Haag in goede banen te leiden en soepeler af te wikkelen. We organiseren bijeenkomsten zoals deze, om die plannen met elkaar door te spreken en op hun merites te beoordelen. Maar, en nou komt het dames en heren: we spreken van te voren af, dat we die plannen nooit en te nimmer uitvoeren.
Want anders ben ik bang, dat ik binnenkort ergens halverwege een hotel moet bespreken als ik van Kijkduin naar Rijswijk wil.

 

 

Bel voor informatie over de volgende Derde Dinsdag:
(070) 30 50 286

 

Agenda

Zin in een dagje uit?

Hier ziet u wat er de komende weken in Den Haag en omstreken op natuur- en milieugebied te doen is

 
  Branding

 

Neem een gratis abonnement op Branding, hét Haagse tijdschrift voor natuur en milieu, of klik hier voor de elektronische versie.