Milieucafé De Derde Dinsdag: 21 april a.s. van 17.00-18.30 uur, voor café-restaurant De Ooievaer, Spui 70 (ingang stadhuis en dan direct rechtsaf).
|
|
Verslag van het milieucafé
van 17 maart 2009
klik hier
voor de column van Julius Pasgeld
|
|
Mag het ietsje minder zijn?
Dat gemeenten elkaar beconcurreren met de aanleg van bedrijventerreinen is al een hele tijd aan de gang. Maar inwonerkannibalisme is een verschijnsel van recenter datum. Leo Klinkers van het Kenniscentrum voor Bevolkingsdaling en Beleid gebruikt de term in het milieucafé van 19 maart om het ‘roven van elkaars inwoners’ te beschrijven. “Eén van de meest voorkomende bestuurlijke fouten die wij tegenkomen. Zo kan de groei van de ene gemeente ten koste gaan van de andere gemeente. Historische vergissingen.”
|
In de Structuurvisie 2020 formuleert de gemeente Den Haag de ambitie om te groeien tot 515.000 inwoners. Dat brengt met zich mee dat er 30.000 woningen extra gebouwd moeten worden. Maar veel wijst erop dat de Nederlandse bevolking zal gaan krimpen. In diverse gemeenten is dit proces al ingezet. Bouwen we niet voor de leegstand? Tom Pitstra van het Haags Milieucentrum houdt zich met het onderwerp bezig en geeft een korte inleiding: “De gemeente Den Haag heeft het onderzoeksbureau Cebeon gevraagd de groeiambitie te onderbouwen. Dus niet te onderzoeken of groei nodig is, nee, te onderbóuwen. Daar is Cebeon niet in geslaagd. Het blijkt dat groei niet nodig is om bijvoorbeeld het voorzieningenniveau op peil te houden. De vierde grote stad van Nederland, Utrecht, heeft veel minder inwoners, maar scoort qua voorzieningenniveau niet lager dan Den Haag. Groei is een politieke keuze.”
|
|
Klinkers: “Den Haag wil per se groeien. Maar er zijn groeigemeenten en er zijn krimpgemeenten. Bouwen in een krimpgemeente zal niet tot het gewenste resultaat leiden. Het Kenniscentrum voor Bevolkingsdaling en Beleid kent heel veel gemeenten waar de politieke Sturm und Drang botst met bestuurlijke wijsheid. Woningen bouw je voor vijftig jaar, dus je moet nu al kijken waar dan behoefte aan zal zijn.”
|

|
Voor PvdA-raadslid Susan Cohen Jehoram lijdt het geen twijfel dat die 30.000 woningen er moeten komen. “Er wonen steeds minder mensen achter één voordeur. Overigens misschien zelfs zonder dat graag te willen. Zo krijgen studenten huursubsidie als ze zelfstandig wonen, terwijl een studentenhuis ook een mogelijkheid kan zijn. Ook worden er woningen gesloopt, bijvoorbeeld in Zuidwest. Daarvoor moet je woningen terugbouwen. En het bouwprogramma is nodig om het voorzieningenniveau op peil te houden.”
|
D66-raadslid Marjolein de Jong denkt daar aanmerkelijk genuanceerder over. Zij wijst erop dat Den Haag wil bouwen voor heel specifieke doelgroepen (in goed Nederlands ‘empty nesters’ - mensen van wie de kinderen het huis uit zijn - en expats). Groei is niet per se slecht, maar er moeten wel voorwaarden aan gesteld worden. Probeer steen en groen zo goed mogelijk met elkaar te combineren. En het is belangrijk dat de bouw veel beter gefaseerd wordt. De Jong: “Dat is de mazzel van de crisis: verplichte fasering. Rustig aan!”
De crisis biedt volgens haar ook kansen om dúurzamer te gaan bouwen. “Duurzaamheid wordt steeds belangrijker. Niet slopen, maar optoppen, verbeteren.”
|

|

|
Voor het opvangen van gezinsverdunning zal gebouwd moeten blijven worden, dat beaamt ook Klinkers. “Maar we moeten vooral béter gaan bouwen”, aldus de bestuurskundige. “Krimpgemeenten zien dat al in. We staan voor een omslag van groei naar krimp, van kwantiteit naar kwaliteit. Demografische ontwikkelingen halen de mooie voornemens in, en dat leidt tot tal van problemen. De vraag is: hebben we voor die omslag niet een ander type bestuurder nodig?”
Over het onderwerp bevolkingskrimp zullen we dit jaar nog veel horen, kondigt Klinkers aan. In juni houdt de Vereniging van Nederlandse gemeenten een congres over dit thema en een paar weken later zal het kabinet er een standpunt over formuleren.
|
Over naar het tweede onderwerp: Kijkduin. Volgens de Nota van Uitgangspunten Kijkduin streeft de gemeente Den Haag hier drie doelen na: het versterken van de ruimtelijke en ecologische kwaliteit; het ontwikkelen van Kijkduin tot een luxe beach resort, met een sterk accent op wellness - met onder meer een health spa - ontspanning en gezondheid (neenee, het gaat niet over Brighton, Blackpool of Bournemouth, het gaat over Kijkduin); en de bouw van 900 à 1000 woningen. Maximaal 280 daarvan zouden in Kijkduin-Bad moeten verrijzen, de rest in Kijkduin-binnen.
Het Haags Milieucentrum vindt dat het groene karakter van Kijkduin-binnen daardoor al te zeer aangetast dreigt te worden en heeft stedenbouwkundige Freerk Kiesow gevraagd een alternatief plan te ontwikkelen.

|
Kiesow: “Door meer te bouwen in Kijkduin-Bad, kan Kijkduin-binnen worden ontzien. Volgens ons is dat heel goed mogelijk. Het Deltaplein en het parkeerterrein achter het Hagheduin worden heel inefficiënt gebruikt. Van het Deltaplein willen we een woon-/winkel-/horecagebied maken. Op maaiveldniveau kan worden geparkeerd, net als nu. Daarboven wordt een heel nieuw gebied ontwikkeld, qua sfeer vergelijkbaar met Haagsche Bluf. Voor culturele voorzieningen ruimen we 2500 m2 in.
Het parkeerterrein achter Hagheduin willen wij bestemmen als opstelplaats voor bussen. Waar ze nu staan, bezorgen ze de omwonenden overlast. Dat busstation kan worden overkapt, zodat er als het ware een nieuw duin ontstaat. Daaromheen kan gebouwd worden, in maximaal drie woonlagen. De toegangsweg tot Kijkduin is ruim genoeg voor een goede openbaarvervoerverbinding.
De Deltaflats kunnen worden getransformeerd en daar kunnen woningen worden toegevoegd. De binnenduinrand gaat een robuuste ecologische verbinding met Solleveld vormen. De wandelzone wordt vergroot, onder meer door verlenging van de boulevard. Ook willen we het voormalige terrein van het Zeehospitium toevoegen. Al met al zien we kans in Kijkduin-Bad 420 à 460 woningen te realiseren, gemiddeld 120 m2 groot.“
|
PvdA-raadslid Frank Poppe heeft er wat moeite mee: “In de Nota van Uitgangspunten is er heel bewust voor gekozen de bouwopgave vooral in Kijkduin-Binnen te vervullen om het karakter van Kijkduin-Bad niet te veel aan te tasten.” Ook vindt hij het een bezwaar dat het plan van Kiesow geen aandacht schenkt aan welness en vraagt hij zich af of de woningen wel aantrekkelijk genoeg zullen zijn.
|

|
Deze twijfel wordt gedeeld door Martin Verwoest van Staedion, de corporatie die aardig wat eigendom in het gebied heeft. Hij vindt het te prijzen dat het Milieucentrum meer mensen de kans wil geven aan zee te wonen, maar vreest dat er voor dit soort woningen niet veel belangstelling zal zijn. “In Kijkduin-Binnen is méer mogelijk.”
Voor het overige is Verwoest lovend over de visie. Vooral het idee van de ecologische zone en de groene verbinding tussen zee en binnenland en het ontzien van Natura 2000-gebieden heeft zijn warme instemming.
|

|
Verwoest: “Kijkduin kan een stuk beter. Zo’n Hotel Atlantic verwacht je eerder in Emmeloord – overigens niets ten nadele van Emmeloord, hoor. Er is een boulevard die van niks naar nergens loopt. En verder is het vooral parkeerplaats wat je ziet. Er zijn allerlei functies in Kijkduin terechtgekomen die de gemeente elders niet kwijt kon.”
|

|
“Het gebied is verrommeld”, oordeelt Loes van Zee van de AVN. Zij heeft waardering voor de visie, maar vindt het jammer dat er geen visie in gezamenlijkheid tot stand is gekomen. De AVN vindt het belangrijk dat er geïnvesteerd wordt in de samenhang tussen woongebied Kijkduin en het groen. “Er zijn mensen die er al dertig jaar wonen zonder dat ze ooit in de Puinduinen zijn geweest.”
Wat voor Van Zee een groot bezwaar is: de financiering van het groen is gekoppeld aan het bouwprogramma. Zij pleit ervoor die koppeling los te laten. Er moet sowieso in het groen geïnvesteerd worden.
|
Presentator Stef de Niet verwijst even naar het eerste onderwerp van dit milieucafé: is het geen optie om in Kijkduin veel mínder te bouwen? Ook vanuit de zaal wordt dit sterk bepleit. Zo vindt een vertegenwoordiger van de Commissie Loosduinen 600 woningen wel genoeg.
Voor Poppe is het geen optie: “Binnen Haaglanden zijn afspraken gemaakt over de bouwopgave. De woningen die we in Kijkduin niet bouwen, moeten elders worden gebouwd.”
Van Zee, tot slot: “De gemeente zou veel meer moeten kiezen voor kwaliteit. Er wordt in dit gebied nu veel gefietst, gemountainbiked, gewandeld, paardgereden…. Als al die woningen worden gebouwd, kan dat straks niet meer.”
|
|
Julius Pasgeld: Eerst de mensen, dan de handel
Vroeger, toen heus niet alles beter was, maar wel bijna alles, begon het ooit zo:
Eérst was er een groepje mensen dat z’n bietjes en z’n bloemkool niet meer zelf verbouwde. Daardoor ontstond er een behoefte aan bietjes en bloemkool.
En dáárna pas kwam er een man die zich groenteboer noemde en bietjes en bloemkool aan die mensen ging verkopen.
Handel dus. Maar eérst waren er mensen. Daarna pas kwam de middenstand eropaf.
En zo ging het vervolgens ook met de horeca.
|
|
Eerst waren er een paar mensen die zomaar voor de lol een eindje gingen fietsen. Die kregen daar dorst van. Daarná pas zette de melkboer een paar stoelen buiten zodat die mensen even konden uitrusten en een glas melk konden drinken.
Idem dito met het toerisme. Eerst waren er mensen die het vreselijk druk met hun werk hadden. O, o wat hadden die mensen het druk. Die kregen dus behoefte aan rust en ontspanning zodat ze een eindje door het bos en de grote stille hei gingen banjeren. En pas dáárna kwamen de hekken en de toegangskaartjes.
Er is op het gebied van de nobele kunst van het geld verdienen geen voorbeeld te bedenken waarin het niet zo begonnen is.
Eérst waren er de mensen. Toen kwamen de behoeften. En daarná pas kwam de handel om in de behoeften te voorzien.
Daar is niets op tegen. Integendeel. Zo werkt het. En zo zal het altijd werken.
Maar nu.
Plotsklaps is er een groenteman die zomaar blijft zitten met een partijtje bloemkolen. En op een mooie zonnige dag fietst er toevallig geen enkele fietser langs het terras van de melkboer. Wat gebeurt er? De groenteman gaat, slim als hij is, een behoefte creëren.
Want nu is er immers eerst de bloemkool in de schappen waar kennelijk niemand behoefte aan heeft. En pas daarna is er de mens. Of niet. Maar die zou kunnen komen. Hoe? Ach. Dat weten we toch eigenlijk allemaal wel. De groenteman gaat de grote kwaliteiten van zijn bloemkolen uitventen. Hij gaat roepen dat bloemkolen heel goed voor de gezondheid zijn. Hij gaat de mensen aan hun neus hangen dat zijn bloemkolen eigenlijk zeer bijzondere bloemkolen zijn die je nergens anders kan krijgen. Hij biedt korting aan op zijn bloemkolen als je tegelijkertijd een toegangskaartje voor de Elfteling koopt.
En de melkboer? Wat doet de melkboer met z’n onverkochte glazen melk op dat terras? Die is ook niet van gisteren. Hij wendt zich tot zijn vriend, de wethouder van openbare werken en dorpsmarketing, om samen een behoefte te creëren die er eerst niet was. Want de wethouder is echt niet te beroerd om het verkeer dusdanig om te leiden, dat de fietsers wel langs het terras móeten komen. Of ze willen of niet. In ruil daarvoor kan de wethouder dan van de daken schreeuwen dat zijn dorp zo’n leuk dorp is voor toeristen.
Waarom vertel ik u dit eigenlijk.
Welnu. Het gaat vandaag onder meer over het streven van het stadsbestuur het inwonertal van Den Haag te vergroten.
Om dat te begrijpen moeten we even terug in de tijd. In 1960 woonden er 605.876 mensen in Den Haag. Gesteld nu even dat al die mensen een halve bloemkool en 8 glazen melk per week dronken. Dan waren dat in 1960 mooi ruim 300.000 bloemkolen en bijna 5 miljoen glazen melk per week. Dat kwam mooi uit. Want daar was behoefte aan. Eerst de mens. Dan de handel.
Nu is het 2009. Er wonen nu 478.948 mensen in Den Haag. Dat is een stuk minder dan vijftig jaar geleden. Dat is, om precies te zijn 60.000 bloemkolen en 1,2 miljoen glazen melk per week minder.
Wat nu?
Overal roepen dat de bloemkolen weer in de aanbieding zijn? Het verkeer uitsluitend nog via Scheveningen en de Grote Marktstraat leiden?
Nee. Het stadsbestuur heeft een beter plan.
Er moeten over 15 jaar veel meer mensen in Den Haag gaan wonen. En over 30 jaar nog meer. Misschien wel weer 600.000.
Dat is beter voor de groenteboeren en voor de horeca en voor het toerisme en voor al die andere patjepejers die geld willen verdienen aan het creëren van behoeften waar niemand om heeft gevraagd.
Vroeger, toen heus niet alles beter was, maar wel bijna alles was er dus eerst de mens. Toen de behoeften en daarna pas de handel.
Dat is dus nu precies andersom. Eerst de handel. Die vervolgens de behoeftes creëert. En daarna pas het consumptievee.
Is er niet genoeg consumptievee? Dan bouwen we toch flink wat huizen bij. Dan komen ze vanzelf wel. Hopen we.
Verdichten. Verhaasten. En verzieken. Zo gaat dat in Den Haag.
|
|
Bel voor informatie over
de volgende Derde Dinsdag:
(070) 30 50 286 |
|